Bevrijding

Op 21 augustus 1944 eindigt de slag om Normandië en rukken de geallieerden snel op naar het noorden en oosten van Frankrijk.
Brussel wordt bijvoorbeeld bevrijd op 3 september, en op 16 september komen de geallieerden al aan in Duitsland, zoals in Aken.

Maar er zijn nog verschillende verzetshaarden langs de kusten, Calais, Boulogne, Duinkerke en Antwerpen zijn nog bezet. Om te verhinderen dat de geallieerden de havens, cruciaal in hun oorlogsstrategie, innemen, worden de grotere kuststeden door Hitler benoemd tot Fort (Festung) en worden ze bijzonder goed verdedigd. Het mislukken van Operatie Market Garden in september vertraagt de opmars van de geallieerden, evenals de bevrijding van de kuststeden.

Op 15 september wordt Duinkerke belegerd, op 17 september wordt Boulogne ingenomen, op de 25e Calais; maar het duurt nog tot na de Slag om de Schelde voordat op 3 november Antwerpen wordt bevrijd en op 7 november Middelburg. Duinkerke blijft echter in handen van de Duitsers. Tijdens deze slag wordt, op 7 oktober, de stad Vlissingen zwaar gebombardeerd, waarbij vele burgerslachtoffers vallen. De tegenaanval van de Duitsers in de Ardennen brengt de geallieerde opmars tot stilstand, en de rest van Nederland wordt pas enkele dagen voor het einde van de oorlog bevrijd, terwijl Duinkerke pas wordt bevrijd op 9 mei 1945, na ondertekening van de capitulatie van Nazi-Duitsland.

Home
Toon sllideshow